Beperkingen van de naburige rechten

Platenmaatschappijen hebben het exclusieve recht tot het verveelvoudigen van 'hun' geluidsopnames. 'Exclusief recht' wil zeggen dat diegene die dat recht heeft, dat als enige mag doen. In dit geval houdt dat in dat iedereen die kopieën wil maken van een geluidsopname, toestemming moet vragen aan de betreffende platenmaatschappij.

Op dit exclusieve recht is door de wetgever een aantal beperkingen aangebracht. De belangrijkste is dat commerciële geluidsdragers (zoals cd's) zonder toestemming van de uitvoerende kunstenaar of de fonogrammenproducent mogen worden uitgezonden of op een andere wijze mogen worden openbaar gemaakt. Daar moet dan wel een zgn. 'billijke' vergoeding voor worden betaald. Als dat niet gebeurt, kunnen rechthebbenden de uitzending of andere openbaarmaking verbieden.

Die 'billijke vergoeding' moet worden betaald aan de Stichting ter Exploitatie van Naburige Rechten. SENA incasseert de gelden en keert ze vervolgens uit aan (inter)nationale rechthebbenden. SENA vertegenwoordigt de uitvoerende kunstenaars en fonogrammenproducenten ook in de onderhandelingen (met de omroep, horeca en andere gebruikers van geluidsdragers) over de vaststelling van de hoogte van de te betalen billijke vergoeding.

Een andere beperking op het exclusieve recht is de mogelijkheid om zonder toestemming voor eigen oefening, studie of gebruik enkele kopieën te maken van beeld- en geluidsdragers. Om het verlies aan inkomsten door deze beperking enigszins te compenseren is er in 1991 een thuiskopievergoeding geïntroduceerd: een heffing op blanco beeld- en geluidsdragers.