









De Wet op de naburige rechten bepaalt o.a. dat uitvoerend kunstenaars het UITSLUITEND RECHT (dus met uitsluiting van ieder ander) hebben om toestemming te verlenen voor onder andere:
- het OPNEMEN van hun uitvoeringen;
- het REPRODUCEREN (maken van kopieën) van die opnamen op bijvoorbeeld cd of dvd;
- het VERKOPEN, VERHUREN of UITLENEN (‘in het verkeer brengen’) van die opnamen;
- het (her)UITZENDEN of op een andere manier OPENBAAR MAKEN van hun uitvoeringen of de opnamen daarvan.
De exploitatierechten zijn exclusief. Dit betekent dat de rechthebbende als enige het recht heeft om exploitatie van beschermde prestaties toe te staan of te verbieden. Om maatschappelijke en praktische redenen kent de wet enige uitzonderingen op deze exclusiviteit.
De platenmaatschappijen hebben het exclusieve recht om toestemming te verlenen voor het:
- reproduceren van door hen gemaakte geluidsopnamen (of: fonogrammen)
- op de markt brengen van deze opnames of kopieën daarvan
- uitzenden of op een andere wijze openbaar maken van deze opnames
Omroepen hebben als enige het recht om toestemming te verlenen voor:
- opnieuw uitzenden van programma's
- opnemen van programma's en het maken van kopieën daarvan
- op de markt brengen van programma's of kopieën daarvan
- openbaar maken van die programma's